Generatie van 28 maal oud-oud-grootouders met o.a Arnulf van Gent 1, Richard en Gunnora van Normandië (hoofdpersonen in onze stamboom)en Koning Hugo Capet van Frankrijk

 Hieronder weer een aantal bekende grootouders waaronder Arnulf van Gent, ook graaf van West Friesland en gesneuveld in Winkel.







GODFRIED VAN VERDUN I (Koos' Edelstamoudgrootvader) werd geboren rond 930 als kind van Gozelo van De Ardennen en Oda van Metz, zoals getoond in stamboom 1227. Hij is gestorven op 25 mei 996, ongeveer 65 jaar oud.

Godfried I van Verdun, bijgenaamd de Gevangene, (ca. 930- 3/4 september 998), was graaf van Verdun en had als markgraaf van Ename een belangrijke militaire en bestuurlijke rol in Neder-Lotharingen. Hij kreeg zijn bijnaam omdat hij tweemaal gedurende een langere tijd gevangene was door conflicten tussen Oost-Frankische Rijk en West-Francië.

Godfried werd in 963 graaf van Verdun en circa 973 ook markgraaf van Ename. In zijn eerste jaren hield hij zich vooral bezig met strijd tegen Reinier IV van Henegouwen en Lambert I van Leuven, die met Franse steun probeerden het erfdeel van hun vader te herwinnen. Hij werd voogd van Saint-Hubert en Mousson.

In 976 werd Godfried zwaargewond gevangengenomen in een strijd om het Graafschap Bergen, tegen Karel van Neder-Lotharingen. Karel zou kort daarna hertog van Neder-Lotharingen worden. Na te zijn vrijgelaten verdedigde Godfried in 979 Kamerijk en het Kamerijkse tegen Lotharius van Frankrijk en Otto I van Chiny. In 980 stuurde hij troepen om deel te nemen aan de Italiaanse veldtocht van keizer Otto II tegen de Saracenen.

In 984 werd Verdun bezet door Lotharius, maar Godfried wist met steun van Lotharingse edelen de stad te heroveren. Het succes was echter van korte duur en Godfried werd gevangengenomen toen Lotharius de stad opnieuw innam. Pas toen Hugo Capet, met wie Godfried een goede relatie had, in 987 tot koning van Frankrijk was gekozen, werd Godfried vrijgelaten - in ruil voor de overdracht van enkele goederen aan de graaf van Champagne. Twee jaar later werd Godfried opnieuw gevangengenomen, nu door Herbert III van Vermandois, die hem pas in 995 vrij liet. Datzelfde jaar nam Godfried nog deel aan de synode van Mousson.

Toen de Duitse keizer in 1018 een strafexpeditie naar Vlaardingen stuurde, was de keuze voor de commandant ervan snel gemaakt. Hij gaf het bevel van de graaf Verdun. Deze graaf stamde uit een dynastie van trouwe onderdanen van de Ottoonse keizers. Haar leden sloegen regelmatig opstanden namens hun vorsten neer. Ze kenden echter niet alleen maar overwinningen. De vader van de graaf in kwestie, Godfried van Verdun, had zoveel tijd in krijgsgevangenschap doorgebracht, dat het hem de bijnaam ‘de Gevangene’ opleverde.

Karolingische Rijk verdeeld

In 843 was het enorme Karolingische rijk in West-Europa onder de drie zoons van de overleden keizer Lodewijk de Vrome verdeeld. Hierbij kregen de jongere zoons Karel de Kale en Lodewijk de Duitser respectievelijk het huidige Frankrijk en Duitsland toebedeeld. Lotharius, de oudste zoon, kreeg het zogenaamde Midden-Francië. Dit omvatte ruwweg een verticale strook gebied, van Friesland tot aan de Middellandse Zee en Noord-Italië. Midden-Francië viel echter al snel ten prooi aan de ambities van haar buren. Karel en Lodewijk hadden namelijk hun oog laten vallen op Lotharingen, dat tussen hun twee rijken in lag. Toen de zoon van Lotharius in 869 kinderloos overleed, zagen zijn ooms hun kans schoon. Ze marcheerden Lotharingen ter hoogte van Verdun binnen en besloten het na een korte confrontatie in tweeën te delen. In het verdrag van Meerssen van 870 verdeelden beide vorsten het gebied in een westelijke en een oostelijke helft.

Strijd om Lotharingen



Hiermee waren echter de conflicten rondom Lotharingen  nog lang niet voorbij. Dat kwam mede doordat er een nieuwe dynastie in het Duitse Rijk was opgestaan. In 919 de wisten de Ottonen het Duitse koningschap te bemachtigen. Koenraad I wees de Ottoonse Hendrik de Vogelaar als zijn opvolger aan, in de hoop dat hij de stabiliteit in het Rijk zou weten te herstellen. Deze Saksische dynastie was de Franken al eeuwenlang vijandig gezind. De twee rijken begonnen elkaar daarop hevig te bestrijden. Gezien zijn strategische ligging, was Lotharingen hierbij een van de voornaamste strijdtonelen. In 925 ging het hertogdom grotendeels in Ottoonse handen over, maar de strijd ging onverminderd door.

Godfried van Verdun

De lokale adel in Lotharingen raakte tot over zijn oren betrokken bij dit getouwtrek. Zo ook de Lotharinger Godfried van Verdun. Zijn gebied lag namelijk  middenin de frontlinie van de politieke concurrentiestrijd tussen de twee vorsten. Hij was door huwelijksbanden aan de Ottonen verbonden en steunde daarom de pas gekroonde Duitse keizer Otto I. Dit plaatste Godfried lijnrecht tegenover de pro-Franse Reinier IV van Henegouwen. Diens familie had Lotharingen in de vroege tiende eeuw beheerd, maar was door de Ottonen verdreven. Reinier had zich hier nooit bij neergelegd. In 973 probeerde hij daarom met de steun van enkele lokale edelen om Lotharingen namens de Franse koning te heroveren. Dit mislukte, maar Reinier liet zich door de tegenslag niet ontmoedigen.

Driemaal gevangengenomen

In 976 viel Reinier nogmaals met Franse steun Lotharingen binnen. Hij trof Godfried bij Bergen. Reinier werd opnieuw teruggeslagen, maar tijdens de veldslag slaagde hij er wel in de zwaargewonde Godfried gevangen te nemen. Deze werd na verloop van tijd vrijgelaten, maar de machtsstrijd in Lotharingen ging onverminderd door. De Franse koning Lotharius viel in 984 het gebied binnen en trok naar Verdun, dat door werd Godfried verdedigd. Lotharius veroverde de stad en nam Godfried gevangen. De graaf zou twee jaar in gevangenschap doorbrengen.

In 987 kwam de Hugo Capet echter op de Franse troon. Deze vorst toonde een stuk minder interesse in Lotharingen en stond bovendien op goede voet met Godfrieds familie. Daarom liet hij Godfried nog datzelfde jaar vrij. In 989 werd Godfried voor de derde en laatste maal gevangen genomen, deze keer door de graaf van Vermandois. Deze liet hem pas in 995 weer gaan. Zeven jaar later overleed Godfried. Zijn zoon werd uiteindelijk vanwege zijn loyaliteit door de keizer tot hertog van Lotharingen benoemd. Wat Lotharingen betreft, dit gebied zou voor de komende zes eeuwen onder Duits bewind vallen. Daarna werd het door Frankrijk veroverd, waar de provincie vandaag de dag nog steeds deel van uitmaakt.

Godfried is begraven in de Sint-Pietersabdij in Gent.

Godfried was een zoon van Gozelo van de Ardennen en Uda van Metz. Hij huwde kort na 962 met Mathilde van Saksen (937-1008), dochter van Herman Billung en weduwe van graaf Boudewijn III van Vlaanderen. Zij hadden de volgende kinderen:

Adalbero (-Italië, 19 april 988), 984 benoemd tot bisschop van Verdun door zijn oom Adalbero van Reims die daarover in conflict kwam met koning Lotharius die niet om toestemming was gevraagd. Adalbero is begraven in de kathedraal van Verdun.

Frederik (±970- Verdun, 6 januari 1022), graaf van Verdun

Herman van Ename (- 28 mei 1029), graaf van Brabant en graaf van Verdun, hoogstwaarschijnlijk ook van het markgraafschap Ename

Godfried de Kinderloze (- 26 september 1023), hertog van Neder-Lotharingen

Gozelo I van Verdun (-1044), hertog van Neder- en Opper-Lotharingen

Adela, gehuwd met graaf Godizo van Aspelt en Heimbach, graaf van de Luikgouw

Ermgard (-1042), gehuwd met Otto van Hammerstein)

Ermentrudis, gehuwd met heer Aarnoud van Florennes-Rumigny

mogelijk Regelinde, gehuwd met Arnold van Wels en Lambach

mogelijk Gerberga, gehuwd met graaf Folmar IV van Metz

Daarnaast is bekend dat Rudolf, abt van Saint-Germain de Montfaucon te Cernay-en-Dormois, een neef van Adalbero was. Dit suggereert de mogelijkheid van nog een zoon of dochter van Godfried en Mathilde.

PRINCESS MATHILDE VAN VLAANDEREN (Koos' Edelstamoudgrootmoeder) werd geboren in 937, in Lüneburg, Luneburg, Niedersachsen, Germany, als kind van Herman Billung en Hildegarde VON WESTERBURG, zoals getoond in stamboom 1228. Zij is gestorven op 26 mei 1008, ongeveer 70 jaar oud, in Gent, Oost-Vlaanderen, Belgium.

Mathilde huwde 2 maal. Zij huwde met Boudewijn van Vlaanderen III (haar 5 maal achter-neef) en Godfried van Verdun.











GRAAF LAMBERT VAN LEUVEN I (Koos' Edelstamoudgrootvader) werd geboren in 952, in Leuven, Graafschap Bergen, Ostfrankenreich, als kind van Reinier van Henegouwen III en Adela van Leuven, zoals getoond in stamboom 1130. Hij is gestorven op 12 september 1015, ongeveer 63 jaar oud, in Florennes, Graafschap Leuven, Ostfrankenreich. Hij werd begraven in Nivelles, Walloon Region, Belgium.

Lambert I, bijgenaamd met de Baard (ca. 950 – Florennes, 12 september 1015), was de oudste met zekerheid bekende graaf van Leuven en stamvader van de Leuvense gravendynastie. Giselbert II was zijn oudoom die een kleinzoon was van de dochter van keizer Lotharius I.

Hij was een zoon van Reinier III van Henegouwen en Adela van Leuven. Samen met zijn broer Reinier zou hij door aartsbisschop Bruno de Grote verbannen zijn geweest. Na de dood van keizer Otto I keerden ze terug om het kasteel van "Bussud" (Bossut?) te belegeren, maar werden verslagen en opnieuw verbannen door keizer Otto II. In 973 zouden beide broers zijn teruggekeerd om Werner en Reinout, die hun vaders land in bezit hadden genomen, te bestrijden en te doden. In 976 deden Reinier en Lambert een tweede poging om hun bezittingen te heroveren. Ze werden op 19 april 976 verslagen bij Bergen maar kregen toen wel hun graafschappen van de koning terug. Lambert werd graaf van Leuven. Ook uit een andere bron weten we dat in 977 de zonen van Reinier III terug waren in hun vaderland. Door Lamberts huwelijk met Gerberga (in 991 of later), dochter van hertog Karel van Lotharingen, kwam hij in het bezit van het graafschap Brussel.

In 1003 wordt Lambert voor het eerst vermeld als graaf van Leuven, ter gelegenheid van zijn aanduiding als voogd over de abdij van Nijvel. Hij verwierf ook de voogdij over de abdij van Gembloers. Door dit voogdijschap moest hij instaan voor de bescherming van de abdijen, maar anderzijds verkreeg hij ook de territoriale controle over de uitgestrekte abdijdomeinen. In 1005 steunde Lambert Boudewijn IV van Vlaanderen in diens pogingen om het markgraafschap Valencijn te veroveren. In 1007 wordt vermeld dat graaf Lambert terug in de gratie is gekomen bij keizer Hendrik II. In 1012 benoemde de keizer Godfried de Kinderloze tot hertog van Neder-Lotharingen. Dit was tegen de zin van Lambert die deze functie zelf begeerde. Deze toewijzing bracht Lambert openlijk in conflict met de graven van de Ardennen. Het kwam zelfs zover dat Godfried de stad Leuven belegerde maar hij moest die onderneming zonder succes opgeven.

Lambert kwam daarna in botsing met Balderik van Loon, bisschop van Luik. Deze had besloten een burcht te bouwen te Hoegaarden. Dit was niet naar de zin van Lambert I, die de burcht als een bedreiging beschouwde. Toen de bisschop weigerde de bouwwerken stop te zetten, deed Lambert een inval in het Luikse gebied. De bisschop wist slechts met toegevingen zijn vazallen ertoe te bewegen hem bij staan in de strijd, maar in 1013 werd die te Hoegaarden dan toch beslecht. Mede door desertie van een deel der Luikse troepen wist Lambert de bisschop een bloedige nederlaag toe te brengen. Deze overwinning stelde Lambert in staat ook het graafschap Bruningerode (ten zuidoosten van het graafschap Leuven) te annexeren. In 1015 kwam het opnieuw tot een conflict met hertog Godfried. Lambert trok samen met zijn broer Reinier tegen hem op, maar sneuvelde bij Florennes (1015).

Om de vrede te herstellen tussen de Reiniers (graven van Leuven en Bergen) en het huis van Verdun werden huwelijksallianties aangegaan. Lambert II Balderik van Leuven huwde Oda van Verdun (dochter van Gozelo I van Verdun), en Reinier V van Bergen trouwde met een dochter van Herman van Ename (die omstreeks die tijd graaf van Brabant was).

De kroniekschrijvers schetsen een zeer negatief beeld van de oorlogszuchtige Lambert I. Ze verwijten hem geen respect te hebben voor vrouwen, kinderen en heiligdommen. Niet alleen dankzij de Karolingische bruidsschat van zijn echtgenote Gerberga (het graafschap Brussel), maar ook door geweld en intriges wist hij zijn territorium uit te breiden.

Vier kinderen ontsproten uit zijn huwelijk rond 990 met Gerberga van Neder-Lotharingen, dochter van hertog Karel van Neder-Lotharingen en kleindochter van de gelijknamige Gerberga van Saksen, op haar beurt dochter van koning Hendrik I de Vogelaar en zuster van keizer Otto I:


Hendrik I van Leuven, oudste zoon en opvolger van Lambert I

Lambert II Balderik van Leuven, gehuwd met Oda van Verdun

Reinier van Leuven, gehuwd met een dochter van Boudewijn IV van Vlaanderen

Mathilde van Boulogne, gehuwd met Eustaas I van Boulogne



Dit diagram laat ook een paar niet bekende voorouders zien maar ook via die voorouders komen we uit bij de familie Canteleu.








GRAAF ARNULF VAN GENT (Koos' Edelstamoudgrootvader) werd geboren in 951, in Ghent, East Flanders, Flemish, Belgium, als kind van Dirk VAN HOLLAND II en Hildegarde van Vlaanderen, zoals getoond in stamboom 1236. Arnulf werd „van Holland” genoemd. Arnulf werd Graaf van Holland, Westfriesland en Gent. Hij is gestorven (gesneuveld) op 18 september 993, ongeveer 42 jaar oud, in Winkel, Noord-Holland, Nederland.

Arnulf of Aarnout (Gent, ca. 951 - bij Winkel, 18 september 993) was een Friese graaf (comes Fresonum). Hij bestuurde van 988 tot 993 een graafschap in West-Frisia, dat later Holland genoemd zou worden. Omdat hij in Gent geboren was, werd hij ook wel Arnulf van Gent (Gandensis) genoemd. Arnulf wordt voor het eerst (samen met zijn ouders) vermeld op 26 oktober 970. Arnulf komt evenals zijn vader en aanvankelijk met hem in tal van Vlaamse oorkonden voor. Arnulf doneerde verschillende bezittingen aan de Abdij van Egmond als beloning voor de hulp van de monniken bij de landaanwinsten, onder meer Hillegersberg (dat eerst bekendstond als Bergan, maar hernoemd werd naar Arnulf's moeder, Hildegard van Vlaanderen) en Overschie.

In 983 vergezelde Arnulf de Duitse koning Otto II en diens zoon Otto III op hun reis naar Verona en Rome. Omstreeks 988 volgt hij zijn vader op als graaf en erft diens bezittingen. Als graaf slaagde hij er in zijn grondgebied verder naar het zuiden uit te breiden. In West-Frisia kreeg hij te maken met opstanden van de Friese bevolking. De bewoners kwamen in opstand tegen zijn grafelijk gezag vanwege de ingrijpende maatregelen die hij doorvoerde. Hij was niet alleen een van de machtigste leenheren van het Ottoonse huis in het gebied tussen de Rijn en de Schelde, hij had ook goederen van de Franse kroon in leen. Omdat hij evenals zijn vader een aanhanger van de Ottonen was, kwam hij in conflict met de Franse koning Hugo Capet. Deze verwoestte Arnulfs gebied en ontnam hem zijn Franse bezittingen. Graaf Arnulf probeerde zijn gezag ook naar het noorden verder uit te breiden, in het gebied van de West-Friezen tussen de Rekere en het Vlie. Hij viel met zijn leger in 993 dit gebied binnen. Bij Winkel werd hij verslagen en sneuvelde hij op 18 september in de strijd. Zijn vrouw Liutgard (ook gespeld: Luitgardis) kon daarop alleen met hulp van koning Otto III het graafschap voor haar zoontje bewaren. Arnulf is met diverse andere familieleden begraven in de toenmalige Abdij van Egmond en werd later heilig verklaard. Arnulf was een zoon van Dirk II van West-Frisia en Hildegard van Vlaanderen. Hij trouwde met Lutgardis van Luxemburg, een zuster van de echtgenote van de Duitse koning Hendrik II. Dit huwelijk vond plaats in mei 980. Arnulf en Liutgard kregen drie kinderen:

Dirk III

Siegfried van Holland (985 - 1030), die huwde met Thetburga (985 -)

Adelheid, ook wel Aleida of Adelina, die huwde met Boudewijn II van Boulogne (ca. 975 - 1033) en daarna met graaf Engelram I van Ponthieu (overleden ca. 1045).






HERTOG BERNHARD VAN SAKSEN I (Koos' Edelstamoudgrootvader) werd geboren rond 940, in Corvey, als kind van Herman Billung en Hildegarde VON WESTERBURG, zoals getoond in stamboom 1228. Hij is gestorven (door epidemie) op 9 februari 1011, ongeveer 70 jaar oud. Hij werd begraven in Lüneburg.

Bernhard (rond 940 - Corvey, 9 februari 1011) was een zoon van hertog Herman Billung. In 973 volgde hij zijn vader op als hertog van Saksen. Hij sloeg in 974, 983 en 994 Deense aanvallen op Saksen af. Zijn steun voor Otto III was beslissend voor diens koningskeuze in 983. Bernard was maarschalk van de rijksdag in Quedlinburg van 986. Hij nam deel aan de veldtochten van 991 en 995 tegen de Slaven. Bernard vergrootte zijn eigen bezittingen, vooral rond de Wezer. In 1001 was hij bij de koning in Ravenna. In 1002 huldigde hij namens de Saksische stam koning Hendrik II, nadat die de rechten van de Saksen had bevestigd. Bernard had conflicten met de graven van Stade en de aartsbisschoppen van Bremen. Hij had de grafelijke rechten in het grootste deel van Saksen en bezat vele voogdijen. Bernhard was gehuwd met Hildegard van Stade (ca. 965 - 3 oktober 1011), dochter van graaf Hendrik I de Kale (ca. 935 - 11 mei 976), zoon van Lothar II van Walbeck, en Hildegard van Rheinhausen (ca. 945 - 11 juni ?), dochter van Elli van de Hassegau (ca. 910 - 12 mei 965). Zij kregen de volgende kinderen: 

Herman, jong overledenBernhard II van Saksen (-1059)

Thietmar (- Pöhlde, 1 oktober 1048), deed een schenking aan Petrus en Paulusklooster (Abdinghof) te Paderborn en plunderde de bezittingen van bisschop Meinwerk daar. Hij overleed tijdens een duel aan het hof. Zijn zoon Thietmar werd in 1053 vogelvrij verklaard.

Godesti (- 30 juni na 1040), abdis in Metelen, vanaf 1002 abdis van Sticht Herford en stichtte in 1011 een abdij in Herford.

mogelijk Mathilde (- Gernrode, 28 april 1014), non in Gernrode

Bernhard en Hildegard stierven tijdens dezelfde epidemie en zijn allebei begraven in de Sint-Michaeliskerk te Lüneburg (stad). Voor zijn huwelijk met Hildegard heeft Bernard nog een dochter gekregen bij een onbekende vrouw: Imma, non in Herford.








BERTHE VAN BOURGONDIË (Koos' Edelstamoudgrootmoeder) werd geboren in 964, in Bourgogne, France, als kind van Koenraad van Bourgondië I en Mathilde van Bourgondië, zoals getoond in stamboom 1243. Berthe werd Reine de France. Zij is gestorven op 16 januari 1010, ongeveer 45 jaar oud, in Blois, comté de Blois, France.

Bertha van Bourgondië (ca. 967 - Melun, 16 september, na 1010) was een dochter van Koenraad van Bourgondië en van Mathilde van Frankrijk. Bertha huwde een eerste maal met Odo I van Blois, met wie zij verschillende kinderen had: 

Theobald II (985-1004)

Odo II (990-1037), opvolger van zijn broer Theobald

Agnes, gehuwd met Godfried II van Thouars.

Diederik (ovl. ca. 1000), begraven in de abdij van Saint-Père te Chartres Landry, genoemd in een akte van 27 september 1007. Bertha speelde een belangrijke rol in het bestuur van de bezittingen van Odo. Robert II van Frankrijk hield van jongs af aan van Bertha maar zijn vader Hugo Capet verzette zich hiertegen wegens te nauwe bloedverwantschap. Ze hadden namelijk in Hendrik de Vogelaar een gemeenschappelijke overgrootvader en waren daardoor verwanten in de zesde graad. De kerk vond dit te nauw verwant voor een huwelijk. Hugo arrangeerde voor Robert een huwelijk met Rozala. Dit was geen gelukkig huwelijk en Robert verstootte zijn vrouw in 992. Na de dood van Odo en Hugo, ze overleden beiden in 996, konden Robert en Bertha met elkaar trouwen. Voor Bertha was dit een heel voordelig huwelijk omdat haar jonge zoons zo verzekerd waren van koninklijke bescherming. De kerk verzette zich tegen het huwelijk maar Robert en Bertha weigerden om hun huwelijk te ontbinden, en uiteindelijk volgde een excommunicatie. Omdat het bestuur van het koninkrijk hierdoor in gevaar kwam, werd het huwelijk in 1001 uiteindelijk toch ontbonden. Bertha bleef openlijk minnares van Robert. Robert trouwde met Constance van Arles, teneinde zich te verzekeren van een wettig nageslacht. De kwestie leidde tot grote verdeeldheid onder de Franse edelen en bisschoppen, er was een partij die Bertha steunde en een partij die Constance steunde. In 1008 trokken Robert en Bertha nog naar Rome om hun zaak bij de paus te bepleiten maar ze hadden geen succes.






Van de familie Canteleu kwam ik via Alix de Gamaches bij Richard van Normandië waarna er een wereld openging door al die beroemde voorouders die nu gemakkelijker te vinden waren.


RICHARD DE NORMANDIE I (Koos' Edelstamoudgrootvader) werd geboren op 28 augustus 933, in Fécamp, Seine-Maritime, Upper Normandy, France, als kind van William De Normandie I en Adela Bretagne, zoals getoond in stamboom 1245. Richard werd „without fear” genoemd. Van 942 tot 996, in de leeftijd van ongeveer 8 jaar, werd hij Duc de Normandie. Hij is gestorven op 20 november 996, 63 jaar oud, in Fécamp, Seine-Maritime, Upper Normandy, France. Hij werd begraven op 25 november 996 in Fécamp, Seine-Maritime, Haute-Normandie, France.

Richard huwde drie maal. Hij huwde met Gunnora de Normandie, onbekende Mistresses en Emma de Normandie (zijn indirecte relatie).

Richard I van Normandië, Ook Richard zonder Vrees (Frans: Richard Sans Peur) genoemd. Geboren op 28 augustus 933, overleden te Fécamp, op 20 november 996. Hij was de eerste hertog van Normandië, van 942 tot 996.Richard was een zoon van Willem I van Normandië en diens vrouw Sprota. Zijn grootvader Rollo was de eerste heerser van Normandië. Toen zijn vader stierf in 942 was Richard te jong om hem op te volgen. Koning Lodewijk IV van Frankrijk veroverde Normandië en Richard werd overgebracht naar Laon, zogenaamd voor zijn opvoeding. Met hulp van Osmund de Centeville, Bernard de Senlis (een vriend van Rollo), Ivo de Bellême en Bernard de Deen, wist Richard echter te ontsnappen. Ondertussen benoemde Lodewijk in 943 Herluinus II van Ponthieu, graaf van Montreuil (Pas-de-Calais) tot gouverneur van Normandië. Zelf bezette Lodewijk de Normandische gebieden ten noorden van de Seine. Hugo de Grote maakte gebruik van de situatie en bezette Gacé, Évreux en belegerde Bayeux. Normandisch verzet met hulp van Vikingen had nog weinig effect. In 945 wist Bernard de Deen echter Lodewijk en Hugo de Grote tegen elkaar uit te spelen: hij beloofde Lodewijk de volledige onderwerping van Normandië en beloofde tegelijk aan Hugo de Normandische hulp tegen Lodewijk. Hugo liet zich overhalen om acties tegen Lodewijk te beginnen. Tegelijk viel een nieuwe hulptroep van Vikingen Normandië binnen. Lodewijk viel aan, zonder steun van Hugo, en werd op 13 juli 945 verslagen bij de rivier de Dives. De Normandiërs wisten Lodewijk IV gevangen te nemen en droegen hem over aan Hugo de Grote, Herluinus van Ponthieu werd in de veldslag gedood. Na de veldslag wist Richard de rijksgroten over te halen om zijn bestuur en de zelfstandigheid van Normandië te erkennen.In 946 viel Lodewijk opnieuw Richard aan, met hulp van Otto I de Grote, Arnulf I van Vlaanderen, Koenraad van Bourgondië en Alain of Alan II van Bretagne. Het bondgenootschap belegerde Richard in Rouen. De Normandiërs verdedigden zich fel en Richards agenten probeerden met valse geruchten verdeeldheid te zaaien onder de aanvallers. Daardoor trok eerst Arnulf en daarna ook Otto zich terug van het beleg, en moesten Lodewijk en zijn resterende bondgenoten zich ook terugtrekken. Bij hun terugtocht werden ze tot aan Amiens aangevallen door kleine Normandische eenheden. Met hulp van Harald I van Denemarken wist Richard in 947 Normandië definitief onder zijn gezag te brengen. Hij sloot een bondgenootschap met Hugo de Grote en verloofde zich met diens dochter Emma. Richard erkende in 968 Hugo Capet als zijn leenheer en wordt een van de belangrijkste krachten achter zijn verkiezing tot koning, die uiteindelijk pas bijna twintig jaar later zou plaatsvinden. Gesteund door Hugo voerde Richard nog aanvallen op Vlaanderen en Vermandois uit. Ook had Richard een conflict met Æthelred II van Engeland omdat de buit van Vikingplundertochten in Engeland op grote schaal in Normandië werd opgekocht.Richard was in zijn eerste huwelijk (960) getrouwd met Emma, dochter van Hugo de Grote , dit huwelijk bleef kinderloos. Onder de more danico (gewoonterecht van de Vikingen waardoor een man met meerdere vrouwen tegelijk getrouwd kon zijn) had Richard ook een relatie met Gunnora. Geboren rond 950, overleden in 1031. Een vrouw van Viking-afkomst. Zij hadden de volgende kinderen: 

Richard II van Normandië

Robert de Deen

Mauger …. – ± 1035  Graaf van Mortain en Corbeil (door de rechten van zijn vrouw)Emma van Normandië, koningin van Engeland door haar huwelijken met Æthelred II en Knoet de Grote.

Havise (Hedwig)

Mathilde (ovl. ca. 1015), getrouwd met Odo II van Blois. Uit dit huwelijk geen kinderen.De more danico werd natuurlijk niet door de kerk erkend en als een heidense polygamie beschouwd. Richard en Gunnora zijn voor de kerk getrouwd om de benoeming (989) van hun zoon Robert tot aartsbisschop van Rouen mogelijk te maken. Bij die gelegenheid werden hun kinderen ge-echt. Naast Gunnora had Richard nog een of meer andere vrouwen, die echter niet bekend zijn. Bij hen had Richard de volgende kinderen: 

Godfried van Brionne (ca. 953 – ca. 1015)

Willem I van Eu 978 – 1057

Robert van Avranches.

Beatrix (ovl. 18 januari 1035- ), gehuwd met Ebles, burggraaf van Turenne. Volgens een legende heeft ze in de omgeving van Turenne op wonderlijke wijze een groep pelgrims bevrijd. Beatrix en Ebles scheidden en Beatrix werd abdis van de abdij van Montivilliers. 

onbekende dochter, gehuwd met Gilbert, lekenabt van Saint-Valery-en-Caux.


GUNNORA DE NORMANDIE (Koos' Edelstamoudgrootmoeder) werd geboren op 21 november 936, in Arque or Rouen, Haute-Normandie, France. Zij is gestorven op 23 september 1031, 94 jaar oud, in Fécamp, Normandie, France. Zij werd begraven in december 1031 in Fécamp, Normandie, France.

Gunnora of Gunnor (ca. 950 – 1031) was de echtgenote van Richard I van Normandië. Ze behoorde vermoedelijk tot de Deense adel in Normandië. Soms wordt haar broer Herefast de Crepon ten onrechte als haar vader gezien.

Ze woonde bij haar zus Seinfreda, de vrouw van een lokale bosbeheerder, toen Richard, die in de buurt op jacht was, van de schoonheid van de vrouw van de bosbeheerder hoorde. Men zegt dat hij Seinfreda zou hebben bevolen met hem het bed te delen, maar Seinfreda stuurde haar ongetrouwde zuster, Gunnora, in haar plaats. Richard was, naar men zegt, achteraf blij dat hij op deze wijze gered werd van de zonde van het plegen van overspel, maar dat lijkt achteraf gepraat. In ieder geval viel de gok van Seinfreda goed uit. Gunnora en Richard werden geliefden. Gunnora fungeerde lang als minnares van Richard volgens de Deense gewoonte, maar toen dit Richard veel later verhinderde hun zoon Robert voor te dragen als aartsbisschop van Rouen, trouwden de twee alsnog, waardoor hun kinderen in de ogen van de kerk gewettigd werden.

Na het overlijden van Richard speelde Gunnora een belangrijke rol in het bestuur van Normandië. Naast haar kinderen kregen ook haar neven belangrijke posities. Verschillende van de meest prominente Normandische magnaten in het Engeland van na 1066, met inbegrip van de Montgomery, Warenne, Mortimer, Vernon/Redvers, en FitzOsbern families, waren afstammelingen van haar broer en zusters. Gunnora stierf op ongeveer tachtigjarige leeftijd.











HERTOG CONAN VAN BRETAGNE I (Koos' Edelstamoudgrootvader) werd geboren in 950, in Bretagne, als kind van Judicael Berengar van Rennes, zoals getoond binnen stamboom 946. Hij is gestorven (gesneuveld) op 27 juni 992, ongeveer 41 jaar oud, in Conquereuil, Bretagne.

Conan I van Bretagne bijgenaamd de Valselijke (gesneuveld te Conquereuil op 27 juni 992) was van 970 tot aan zijn dood graaf van Rennes en van 990 tot aan zijn dood hertog van Bretagne. Hij behoorde tot het huis Rennes. Conan was de zoon van graaf Judicaël van Rennes en diens onbekend gebleven echtgenote. Na de dood van zijn vader rond 970 werd hij graaf van Rennes. In deze functie controleerde hij het noorden van het hertogdom Bretagne. Omdat hij zichzelf als de heerser van heel Bretagne beschouwde, kwam hij in conflict met het huis Nantes, dat het hertogdom bestuurde. In de lente van 990 verwierf hij Bretagne na zijn aanval op de stad Nantes en het plotse overlijden van hertog Alan. Conan was aanvankelijk een bondgenoot van graaf Odo I van Blois, die hem steunde in zijn strijd om Bretagne. Nadat hun relatie verzuurd was geraakt, werd hij een bondgenoot van hertog Richard I van Normandië. In 992 probeerde zijn schoonbroer Fulco III van Anjou via een belegering de stad Nantes in te nemen, als bondgenoot van Judicaël, het familiehoofd van het huis Nantes. Conan wist het beleg op te heffen en verdreef Fulco's troepen richting Rennes. Nabij Conquereuil kwam het tot een veldslag, waarbij Conans troepen verslagen werden en de hertog sneuvelde. Vervolgens werd Judicaël geïnstalleerd als graaf van Nantes. In 973 huwde hij met Ermengarde (956-1024), dochter van graaf Godfried I van Anjou. Ze kregen volgende kinderen:

Godfried I (980-1008), hertog van Bretagne

Judith (982-1017), huwde in 996 met hertog Richard II van Normandië

Judicaël (overleden in 1037), graaf van Porhoët Hernod Catuallon, abt van de Abdij van Redon.









REINIER VAN HENEGOUWEN III (Koos' Edelstamoudgrootvader) werd geboren in 920, in Hainault (within present Belgium), Lotharingie, Frankish Empire, als kind van Reinier van Henegouwen II, zoals getoond in stamboom 1248. Reinier werd Count of Hainaut, Châtelain de Valenciennes et Mons 965-971, Sieur, d'Ostrevant, (932 - 973). Hij is gestorven in 973, ongeveer 53 jaar oud, in Kleingoeft, Bas-Rhin, Alsace-Champagne-Ardenne-Lorraine, France.

Reinier III, bijgenaamd Langhals (ca. 920 - 973) was graaf van Henegouwen. Hij was een van de machtigste edelen in Lotharingen en probeerde tevergeefs de positie van hertog van Lotharingen te verwerven. Reinier volgde in 932 zijn vader Reinier II op als graaf van Henegouwen. In 939 steunde hij samen met zijn broer Rudolf I graaf in de Haspengouw en het Maasland, de opstand van hun oom hertog Giselbert. Nadat Giselbert was gesneuveld probeerde Reinier tevergeefs zijn plaats in te nemen. In 944 sloten Reinier en Rudolf daartoe nog een bondgenootschap met Lodewijk IV van Frankrijk maar hun plannen werden gedwarsboomd door Herman I van Zwaben. Koenraad de Rode werd toen tot hertog benoemd en wist de rebelse broers enige tijd onder controle te houden. In 951 waren Reinier en Rudolf alweer in open conflict met Koenraad. Toen die later deelnam aan de opstand van Liudolf van Zwaben tegen Otto I, kozen Reinier en Rudolf natuurlijk prompt de kant van de koning. In de anarchie die daarop volgde, riep Reinier zich in 954 uit tot hertog van Lotharingen. Reinier probeerde met geweld zijn gezag te vestigen en dwong in 955 samen met zijn broer Rudolf met militaire middelen de benoeming van hun neefje Balderik I tot bisschop van Luik af. Ook plunderde hij op grote schaal kerkelijke bezittingen, om aan de middelen te komen die een onzekere hertog nodig heeft. Uiteindelijk was Reinier in conflict met Frankrijk en met de kerk, terwijl koning Otto diens broer Bruno (aartsbisschop van Keulen) tot hertog benoemde. In een laatste poging om zijn positie te versterken, bezette hij de huwelijksgoederen van Gerberga van Saksen die in haar eerste huwelijk met hertog Giselbert getrouwd was geweest. Dat was onverstandig want Gerberga was door haar tweede huwelijk met Lodewijk IV een machtige vrouw geworden, en was bovendien zuster van koning Otto en hertog Bruno. Reinier probeerde nog een overeenkomst te onderhandelen met Bruno maar dat mislukte toen Reinier weigerde om gijzelaars te geven. Uiteindelijk werd Reinier tegelijk door Frankrijk en hertog Bruno aangevallen. Toen zijn fort aan de Chiers werd veroverd viel zijn gezin in handen van zijn tegenstanders. Reinier moest toen zijn verzet staken. In 958 werd hij samen met zijn broer Rudolf verbannen naar Bohemen, waar hij overleed. Zijn familiegoederen werden geconfisqueerd en zijn zoons werden onterfd en vluchtten naar Frankrijk. Na zijn afzetting werd Henegouwen opgesplitst in het graafschap Bergen en het markgraafschap Valenciennes. Reinier was gehuwd met Adela van Leuven (ca. 930 - 961). Reinier en Adela hadden twee zoons:

Reinier IV

Lambert I van Leuven

Nazaten van Reinier III brachten het in de elfde eeuw tot graven van Brabant en Henegouwen.







KONING VAN FRANKRIJK HUGO CAPET (Koos' Edelstamoudgrootvader) werd geboren in 941, in Dourdan at Étampes, Seine et Oise, Île-de-France, France, als kind van Hugo CAPET en Hedwig van Saksen, zoals getoond in stamboom 1249. Hugo werd Koning of France from July 3, 987 to October 24, 996. Hij verbleef (ADDR) te Paris, Paris, Île-de-France, France. Hij is gestorven op 24 oktober 996, ongeveer 55 jaar oud, in Prasville, Eure-Et-Loir, Centre-Val De Loire, France. Hugo werd begraven in Basilique de Saint-Denis, Saint-Denis, Seine-Saint-Denis, Île-de-France, France.

Hugo Capet (Frans: Hugues Capet) (Dourdan, 941 – Les Juifs bij Chartres, 24 oktober 996) was koning van Frankrijk van 987 tot 996. Zijn bijnaam Capet betekent "mantel dragend" (cappa) en werd hem waarschijnlijk gegeven ter onderscheid van zijn vader Hugo de Grote of omdat zijn familie als lekenabt van de Abdij van Saint-Denis een mantel of cappa droeg.

Hugo Capet (Frans: Hugues Capet) (Dourdan, 941 – Les Juifs bij Chartres, 24 oktober 996) was koning van Frankrijk van 987 tot 996. Zijn bijnaam Capet betekent "mantel dragend" (cappa) en werd hem waarschijnlijk gegeven ter onderscheid van zijn vader Hugo de Grote of omdat zijn familie als lekenabt van de Abdij van Saint-Denis een mantel of cappa droeg.

 

Hugo Capet werd als het tweede kind en oudste zoon van Hugo de Grote en Hedwig van Saksen geboren. Zijn grootvader Robert van Bourgondië was tussen 922 en 923 koning van West-Francië geweest. Via zijn grootmoeder Beatrix van Vermandois was hij tevens een nazaat van koning Karel de Grote. Zijn vader Hugo de Grote was in zijn tijd de machtigste man van Frankrijk, zelfs machtiger dan de koning. Bij de dood van zijn vader erfde Hugo Capet de meeste van zijn bezittingen en titels: Hugo werd hertog van de Franken (Neustrië), graaf van Parijs, Orléans, Poitou, Tours, et cetera, en lekenabt van onder meer Saint-Martin te Tours, Saint-Germain te Auxerre, Saint-Aignan te Orléans, Saint-Quentin en Sint-Vaast. Zijn broer Otto werd bovendien hertog van Bourgondië. De paus noemde hem de “glorierijke prins van de Franken”. Omdat Hugo nog minderjarig was, trad eerst Richard I van Normandië, die was getrouwd met Hugo's zus Emma, als zijn voogd op en later zijn moeder Hedwig van Saksen en zijn oom Bruno, aartsbisschop van Keulen. Zij waren zuster en broer van keizer Otto I de Grote.

 

De machtige Franse edelen maakten gebruik van Hugo's minderjarigheid om hun positie ten koste van hem te versterken, bijvoorbeeld: Willem III van Aquitanië die Poitou tegen Hugo wist te behouden, Theobald I van Blois die Chartres en Châteaudun verwierf, en Fulco II van Anjou die de omgeving van Nantes in handen kreeg.

Als hertog voerde Hugo een voorzichtig beleid waarbij hij twee doelen nastreefde: enerzijds het behoud van zijn eigen dominante positie binnen Frankrijk, waarbij hij gebruikmaakte van de steun van de aan hem verwante Duitse keizers, anderzijds het behoud van de onafhankelijkheid van Frankrijk ten opzichte van Duitsland. Hierbij was Hugo een bondgenoot van aartsbisschop Adalbero van Reims, die bang was dat Frankrijk een vazalstaat van Duitsland zou worden.

 

Rond 968 verbeterde Hugo zijn betrekkingen met Willem IV van Aquitanië door met diens zuster te trouwen. In 978 beschermde Hugo koning Lotharius van Frankrijk in Étampes en verdedigde Parijs tegen Otto II, nadat Lotharius een riskante plundertocht naar Aken had ondernomen. In 981 veroverde Hugo Montrieul, ook bezocht hij in dat jaar Otto II in Rome. In 986 klaagde Lotharius Adalbero aan wegens hoogverraad. Hugo bestormde de rechtszitting en de koning kwam daarbij om het leven. Dit bleef zonder gevolgen voor Hugo.

 

Koning

Na de onverwachte dood van Lotharius' zoon Lodewijk V in 987, hij stierf kinderloos na een jachtongeval, werd Hugo op 3 juli 987 te Senlis tot koning gekozen. Adalbero steunde hem met de volgende argumentatie: Het koningschap krijgt men niet op grond van erfrecht; men moet slechts hem op de troon verheffen, die zich zowel door zijn lichamelijke welgeschapenheid als door zijn geestelijke wijsheid onderscheidt, die door het geloof gesterkt en door grootmoedigheid gesteund wordt. Hugo werd in Noyon of Reims gekroond en liet nog op 30 december 987 zijn zoon Robert II tot medekoning kronen, een poging om zijn opvolging te verzekeren.

 

Hoewel het eigenlijke grondbezit van Hugo veel kleiner was dan dat van zijn vader of van zijn belangrijke vazallen, had hij wel controle over Parijs, Orléans en een handvol kleinere steden, en over een aantal belangrijke abdijen en bisschopsbenoemingen in het noorden van Frankrijk. Zijn macht en rijkdom waren zo veel groter dan zijn grondbezit. Hij gebruikte de kerkelijke hervormingen, vooral de godsvredebeweging, om zijn gezag te vestigen en was goed bevriend met de abt van Cluny.

 

In 988 probeerde Karel van Neder-Lotharingen, een Karolinger en neef van Hugo, de troon te verwerven ten koste van Hugo. Karel veroverde Laon en liet zich tot koning kronen. Hugo belegerde de stad twee keer zonder resultaat. Hugo verbond zich met Odo I van Blois, in ruil voor het graafschap Dreux. In 991 kon Hugo Karel gevangennemen door verraad van de bisschop Adalbero van Laon (een neef van Karel maar benoemd door Hugo). Dit gaf overigens nog aanleiding tot heftige conflicten over diens positie, vooral binnen de kerk waarbij de bondgenoten van Hugo natuurlijk bisschop Adalbero steunen. Karel werd met zijn gezin gevangengezet in Orléans en zou daar overlijden.

 

Hugo verbond zich vervolgens met de graven van Normandië en Anjou, tegen Odo van Blois die Melun had geannexeerd. Melun werd heroverd maar Odo veroverde Nantes, dat weer werd heroverd. Toen Anjou weer te veel macht kreeg, viel dit bondgenootschap weer uiteen. De graaf van Barcelona (formeel deel van Frankrijk maar feitelijk al bijna 100 jaar onafhankelijk) deed een beroep op Hugo om steun tegen de Moren. Hugo wilde die verlenen in ruil voor erkenning als leenheer, maar uiteindelijk gebeurde er niets. In 993 werd een complot van Odo van Blois en de bisschop van Laon ontdekt, om Hugo te ontvoeren en over te dragen aan keizer Otto III. Dit bleef zonder gevolgen voor de betrokkenen. Na de dood van Odo in 996 weigerde Hugo een huwelijk van zijn zoon Robert met Odo's weduwe Bertha van Bourgondië. Hoewel Robert en Bertha oprecht van elkaar hielden (een bijzonderheid voor een koninklijk huwelijk in die tijd) en ondanks de grote voordelen (o.a. Bourgondië), gaf Hugo geen toestemming wegens bloedverwantschap. Hugo overleed aan de pokken en werd in Saint Denis begraven, voor het altaar van de heilige drie-eenheid naast zijn voorvader Odo I van Frankrijk. Robert verstootte prompt zijn vrouw en maakte Bertha zijn minnares en later ook zijn vrouw – en kreeg daarop grote problemen met de paus vanwege hun bloedverwantschap.

 

Hij was gehuwd met Adelheid van Aquitanië (945/952-1004), dochter van Adelheid van Normandië en van Willem III van Aquitanië, graaf van Poitiers van 934 tot 963, en hertog van Aquitanië van 928 tot 963. Zij hadden vier kinderen:

 

Gisela (ca. 969), gehuwd met Hugo, zoon van Hilduinus III van Montreuil. Hugo Capet gaf het echtpaar Abbeville (Somme), Ancre en Domart, uit het bezit van de abdij van Saint-Riquier en maakte Hugo lekenabt van die abdij. Deze bezittingen vormden later het graafschap Ponthieu en Hugo werd bekend als Hugo I van Ponthieu.


Hedwig (ca. 970 - na 1013), gehuwd met Reinier IV van Henegouwen,


Robert II (972 - 1031), die hem opvolgt,


Adelheid (ca. 973 - na 1063)


Mogelijk had Hugo nog een buitenechtelijke zoon Gauzelin († 1030), abt van de abdij van Fleury en door Robert II benoemd tot aartsbisschop van Bourges.

KONINGIN ADELHEID VAN POITIERS (Koos' Edelstamoudgrootmoeder) werd geboren rond 945, in Poitiers, Vienne, Nouvelle-Aquitaine, France, als kind van Willem van Aquitanië III en Adele van Normandie, zoals getoond in stamboom 1250. Adelheid werd Dame du Poitou, Princesse d'Aquitaine, Reine consort des Francs, Zij is gestorven op 15 juni 1004, ongeveer 58 jaar oud, in Paris, Orleannais, West Francia (now Ile-de-France, France). Zij werd begraven in 1004 in Monastere de St-Frambault, Senlis, Département de l'Oise, Picardie, France.

Adelheid van Poitiers (945/952 – ca. 1004) was een dochter van Willem III van Aquitanië en van Adela van Normandië, dochter van Rollo en Poppa. Zij was koningin van Frankrijk. Haar vader gebruikte haar huwelijk met Hugo Capet (ca. 968) als bezegeling van een verdrag. In 987, na de dood van Lodewijk V van West-Francië, werd Hugo Capet koning van Frankrijk en werd Adelheid gezalfd en gekroond tot koningin. Adelheid bouwde kapellen in Senlis (Oise) en Argenteuil. 






GRAAF ARNULF VAN VLAANDEREN II (Koos' Edelstamoudgrootvader) werd geboren in december 961, in Flanders, Nord, Nord-Pas-de-Calais, France, als kind van Boudewijn van Vlaanderen III en Mathilde van Vlaanderen, zoals getoond in stamboom 1102. Arnulf werd „de Jonge” genoemd. Hij is gestorven op 30 maart 988, 26 jaar oud, in St Laurent, Gironde, Aquitaine, France.

Arnulf II (ca. 960 – Gent, 30 maart 988), zoon van Boudewijn III en Mathilde van Saksen-Billung, was graaf van Vlaanderen van 965 tot aan zijn dood. Zijn vader werd in 958 door graaf Arnulf I tot mederegent aangesteld, maar overleed reeds in 962. Bij de dood van graaf Arnulf I was zijn kleinzoon, de jonge Arnulf II, vier jaar. Arnulf volgde dus in 965 zijn grootvader op, aanvankelijk onder de voogdij van de koning van Frankrijk, Lotharius, die vóór de dood van Arnulf I had beloofd dat hij ervoor zou zorgen dat de Vlaamse edelen de jonge graaf niet zouden manipuleren voor hun eigen belang, een belofte waaraan hij zich inderdaad ook zou houden. De graven Boudewijn van Kamerijk en Dirk II van Holland traden op als regenten en wisten te voorkomen dat Vlaanderen als “onbezet” leen terugviel aan de kroon. Arnulf verloor Boulogne, Saint-Pol en Guînes aan Frankrijk, Gent en het Waasland aan Dirk II van Holland, maar keizer Otto I van het Heilige Roomse Rijk kwam tussenbeide en stopte verdere Franse veroveringen. Otto richtte de markgraafschappen Antwerpen, Ename en Valencijn op om de Franse expansie te beteugelen. Rond 976 liet koning Lotharius de regering aan Arnulf over, maar onthield hem het gezag over de door diens grootvader veroverde gebieden Oosterbant, Artesië, Ponthieu en Amiens. Arnulf weigerde in 987 Hugo Capet, zoon van Hugo de Grote, als koning te accepteren omdat hij als afstammeling van Karel de Grote een voorkeur had voor de karolinger Karel van Neder-Lotharingen, die ook van Karel de Grote afstamde. Nadat Hugo echter Vlaanderen aangevallen had, erkende Arnulf hem toch nog als koning. Hij overleed aan een ziekte (hete koorts), en werd begraven te Gent. Arnulf II was in 968 gehuwd met Rosela van Ivrea (945 - Gent, 26 januari 1003, dochter van Berengarius II van Italië, koning van 950 tot 963, en van Willa van Toscane. Arnulf en Rosela kregen de volgende kinderen: 

Mathilde (? - 995)

Boudewijn IV (ca. 980 - 1035)






GRAAF WILLEM VAN PROVENCE I (Koos' Edelstamoudgrootvader) werd geboren in 956 als kind van Bosso van Provence II en Constantia van Vienne, zoals getoond in stamboom 1252. Hij is gestorven in 993, ongeveer 37 jaar oud.

Willem huwde 2 maal. Hij huwde met Adelheid van Anjou en Arsinde van Comminges.

Willem I van Provence. Geboren circa 956 – overleden Avignon, 993), bijg. de Bevrijder en Vader des Vaderlands, was een zoon van Bosso II van Arles en van Constance van Provence (ca. 925 – ca. 964), dochter van Karel van Vienne en Theutberga van Troyes. Hij volgde zijn vader in 968 op als graaf van Provence maar zijn broer Rotbold voerde de titel ook, dus vermoedelijk hadden ze de verantwoordelijkheden verdeeld. In 972 werd de abt Mayeul (Sint-Majolus) van Cluny onderweg van Rome naar Cluny, in de Alpen door de Saracenen ontvoerd. Hierover was aan weerszijden van de Alpen grote verontwaardiging en Willem nam het voortouw in de definitieve verdrijving van de Saracenen uit Provence. Een bondgenootschap van edelen uit Provence en de Italiaanse westelijke markgraafschappen bevocht de Saracenen in vijf veldslagen in de Alpen en versloeg ze uiteindelijk definitief in de slag bij Tourtour van 973. Nadat ook het kasteel van Fraxinet was veroverd, moesten de Saracenen zich terugtrekken. Willem heeft zijn bijnamen verworven door zijn belangrijke rol in dit proces. Willem kreeg grote delen van de veroverde gebieden in leen van de koning van Bourgondië, de formele landsheer. Willem herbevolkte de verwoeste streken en gaf op zijn beurt gebieden in leen aan vazallen, waardoor hij de basis legde voor de Provençaalse feodaliteit. Enkele jaren later voerde Willem de titel van “marchio”. Vertaald betekent dat markgraaf maar in het Frankrijk van die tijd was het de titel waarmee een hertog werd aangeduid. In 980 werd Willem ook graaf van Arles. Willems bewind was verder vreedzaam: in 979 deed hij een schenking aan de abdij Saint-Victor te Marseille, in 990 een schenking aan de abdij van Cluny en in 992 herstelde hij de rechten van de abdij Saint-Césaire te Arles. Tegen het einde van zijn leven trok hij zich terug en werd monnik. Willem is begraven in het klooster van Sainte-Croix te Sarrians. Zijn eerste vrouw was Arsinde (ca. 950 – 983), dochter van graaf Arnold II van Comminges.

Kinderen: Odila (976-1032), gehuwd met Miron-Laget van Sisteron en daarna met Laugier van Nice, met wie ze vijf kinderen kreeg

Willem II 

Willems tweede vrouw (huwelijk 984) was Adelheid, dochter van Fulco II van Anjou en gescheiden van Lodewijk V van Frankrijk.

Kinderen: 

Constance (986/987 – 1032), in 1000 gehuwd met Robert II van Frankrijk

Ermengarde, gehuwd met Robert I van Auvergne 


Adelheid van Anjou, ook Blanche genoemd (ca. 945 - 29 mei 1026), was een hoge edelvrouw uit West-Francië. Zij zou door haar huwelijken aan de belangrijkste hoven van haar tijd vertoeven en door haar kortstondig huwelijk met koning Lodewijk V van West-Francië zelfs door haar eigen broer tot koningin van Aquitanië worden gekroond. Ze was regentes van Gevaudan tijdens de minderjarigheid van haar zonen rond 970 en van de Provence tijdens de minderjarigheid van haar stiefzoon, Willem II van Provence, van 994 tot 999.

Adelheid werd geboren als dochter van graaf Fulco II van Anjou en diens echtgenote, Gerberga van Orléans (ca. 920 - voor 952), mogelijk dochter van burggraaf Godfried van Orléans. Ze was de zus van Godfried I van Anjou en bisschop Guy van Anjou.

Zij huwde rond 960-965 met Stefanus van Brioude, graaf van Gévaudan, met wie ze drie zonen had (de volgorde van deze is niet precies geweten):

Pons van Gévaudan, graaf van Gévaudan en Forez,

Bertrand van Gévaudan, die samen met zijn broer Pons hun oom, Guy van Anjou, hielp in zijn strijd tegen opstandige heren,

Stefanus van Gévaudan, die slechts kort als bisschop van Puy zijn oom, Guy van Anjou, zou opvolgen.

Vervolgens trad ze rond 975 met Raymond (V) van Toulouse in het huwelijk. Zij schonk hem een zoon en mogelijk ook een dochter:

Willem III van Toulouse,

Toda Adelheid, getrouwd met graaf Bernard I van Bésalu.

Huwelijk met Lodewijk V (982-ten laatste januari 984)

Lotharius liet zijn zoon en kroonprins Lodewijk in 982 te Brioude met Adelheid, die de rijke weduwe van graaf Stefaan van Gévaudan was, trouwen. Tegelijkertijd stuurde Lotharius zijn zoon naar Aquitanië, waar Lodewijk ofwel als koning van Aquitanië zou heersen of als medekoning van zijn vader zou optreden (de gegevens in de bronnen spreken elkaar tegen). Het koppel zou kort na hun huwelijk door Adelheids broer, bisschop Guy van Anjou, tot koning en koningin van Aquitanië zijn gekroond. Adelheids oudste broer, Godfried I van Anjou, zou op dat moment op het toppunt van zijn macht zijn als sénéchal van Frankrijk én schoonbroer van de kroonprins. Het huwelijk zou echter niet lang standhouden - er was een groot leeftijdsverschil - en werd na een jaar of twee ontbonden. Lodewijk keerde in 984 terug naar het hof van zijn vader.

Adelheid zou naar het hof van Willem I van Provence in Arles vluchten en met deze in het huwelijk treden (tussen juni 981 en januari 984). Ze zou haar echtgenoot tijdens hun huwelijk meermaals bijstaan. Zo vinden we haar in 986 terug te Avignon bij een schenking aan de Sint-Andriesabdij van Villeneuve-lès-Avignon. Vervolgens wordt ze vermeld in schenkingsaktes aan de abdij van Montmajour te Arles in mei 988, aan de abdij Saint-Victor in juni 989, op 6 maart 991 opnieuw aan de abdij van Montmajour en ten slotte terug te Avignon op 29 augustus 993. Ze was bij hem moeder van (de volgorde is opnieuw niet geweten):

Willem II van Provence (981-1018), graaf van Provence van 994 tot 1018,

Constance (986/987-1032), die in 1000 was gehuwd met Robert II van Frankrijk,

Ermengarde, gehuwd met Robert I van Auvergne.

Ze was, tegen het advies van de paus, 993 regentes voor haar zoon, bestreed opstandelingen, en was in 1018 regentes voor haar kleinzoon. Ze deed meerdere schenkingen aan de abdij Saint-Victor. Haar huwelijk met Otto Willem van Bourgondië is speculatief en omstreden. Ze werd na haar dood in de abdij van Montmajour bijgezet, waar ze een gisant op haar graftombe kreeg.





GRAAF EN HERTOG GOZELO VAN NEDER-LOTHARINGEN I (Koos' Edelstamoudgrootvader) werd geboren in 963, in Lotharingen. Hij is gestorven op 29 april 1044, ongeveer 80 jaar oud, in Bilzen, Vlaanderen.

Gozelo I van Verdun (963/970 - 19 april 1044), ook Gothelo, bijgenaamd de Grote, was hertog van Neder- en Opper-Lotharingen. Gozelo was graaf van Verdun als opvolger van zijn vader, Godfried van Verdun, en werd in 1008 markgraaf van Antwerpen onder zijn broer Godfried de Kinderloze, hertog van Neder-Lotharingen. Gozelo bouwde een kasteel in Antwerpen. Samen met Godfried schonk hij te Deil, Wamel aan bisschop Adelbold II van Utrecht. Gozelo volgde zijn broer op als hertog van Neder-Lotharingen in 1023. In 1024 verzette hij zich tegen de koningskeuze van Koenraad II de Saliër maar erkende hem een jaar later alsnog. Bij de dood van hertog Frederik III van Opper-Lotharingen in 1033, werd hij ook in Opper-Lotharingen tot hertog aangesteld. Hij is hierdoor de laatste landsheer die de beide hertogdommen kon verenigen. Op 15 november 1037 versloeg hij Odo II van Blois, troonpretendent van het koninkrijk Bourgondië dat bij erfenis aan de Duitse kroon was vervallen. Odo beschouwde zich als de rechtmatige erfgenaam en wist zichzelf tot koning te laten verkiezen en begon een veldtocht om Aken te veroveren. Gozelo wist hem te onderscheppen en te verslaan, waarbij Odo sneuvelde. Gozelo werd nadien als de grootste van de Duitse edelen beschouwd. Hij werd begraven in de abdij van Munsterbilzen. Gozelo was zoon van Godfried van Verdun en Mathilde van Saksen. De naam van zijn vrouw is niet bekend. Gozelo werd vader van:

Godfried II van Lotharingen, hertog van Opper-Lotharingen 1044-1046, hertog van Neder-Lotharingen 1065-1069.

Mathilde van Verdun (ovl. Cochem, 17 augustus 1060), gehuwd met paltsgraaf Hendrik I van Lotharingen (†1061). Gedood door haar echtgenoot. 

Gozelo II 

Frederik, de latere paus Paus Stefanus IX (X) (1057-1058). 

Oda van Verdun, gehuwd met graaf Lambert II van Leuven († 19 juni 1054). 

Regelindis van Lotharingen (Lotharingen,1000-Namen,1064), gehuwd met graaf Albert II van Namen.






Reacties

Populaire posts van deze blog

Generatie van 8 maal oud-oud-grootouders met Jan Gerritsz van der Gracht en Claes de Canteleu, Guilielmus Gerardus van Arnhem, Koning jacobus van Engeland I, Willem V van Oranje

Generatie van 15 en 16 maal oud-oud-grootouders met Mathieu de Canteleu en zijn zoon Anseau die sneuvelde bij de slag van Azincourt en achter neven, hoofdrolspelers tijdens de honderd jarige oorlog en bij het ontstaan van de Nederlanden.

Generatie van 7 maal oud-oud-grootouders, Gerrit Jansz van der Gracht en Susanne de Canteleu, Godefridus van Arnhem, Koning Karel I van Engeland en koning Willem der nederlanden